Onze stelsels

Aansluitingsvoorwaarden

Wie is ambtshalve aangesloten bij onze sociale sectorale pensioenstelsels?

 

De voordelen in onze sociale sectorale pensioenstelsels zijn bestemd voor elke arbeider die verbonden is of was via om het even welke arbeidsovereenkomst (bepaalde of onbepaalde duur, deeltijds of voltijdse tewerkstelling,...) met een werkgever die aangesloten is bij onze sectorstelsels:

  • vanaf 01/01/02 in het Paritair Comité voor het Garagebedrijf, het Paritair Subcomité voor het Koetswerk en deze voor de Metaalhandel;
  • vanaf 01/01/06 in het Paritair Subcomité voor de Terugwinning van Metalen;
  • vanaf 01/01/15 in het Paritair Subcomité voor de Edele Metalen.
In de praktijk gaat het om de werklieden aangegeven onder de werknemerskengetallen 015, 024 en 027.

 

Worden evenwel niet aangesloten bij onze sociale sectorale pensioenstelsels:

  • personen tewerksgesteld via een overeenkomst van studentenarbeid; 
  • uitzendkrachten;
  • leerlingen;
  • personen tewerkgesteld met een arbeidsovereenkomst gesloten in het kader van een speciaal met steun van de overheid gevoerd opleidings-, arbeidsinspannings- en omschakelingsprogramma;
  • arbeiders verbonden met een werkgever die het statuut kent "buiten het toepassingsgebied". Die arbeiders genieten minstens een evenwaardig aanvullend pensioenplan op bedrijfsvlak.

 

Uitzendkrachten in onze sectoren genieten thans een pensioenpremie

Sinds 1 oktober 2007 moeten de arbeiders-uitzendkrachten in onze sectoren een pensioenpremie krijgen (=percentage op het brutoloon) ter vervanging van de stortingen die de werkgeversgebruikers doen voor hun eigen arbeiders in het sociaal sectoraal pensioenstelsel.

Overzicht : FOD WASO

 

 

 

Voorbeeld
Men verdiende in een welbepaalde week als uitzendkracht (40u. x 12 euro /u. =) 480 euro in de sector voor het Garagebedrijf. Vanaf 1 januari 2012 heeft men aldus recht op een brutopensioenpremie van 1,06% op 480 euro zijnde 5,09 euro bruto bovenop het verdiende brutoloon.